terug verder


Maandagmiddag (2)

Of het buiten nou vriest, of de zon schijnt, het regent of stormt, in zijn hart voelt hij altijd dezelfde warmte, als
hij denkt over dat wat hem dadelijk overkomen zal. De reden van zijn gemoedstoestand is veilig verborgen
achter glas, onbereikbaar voor alles en iedereen. Alsof het een parel betreft, samengesmolten tussen vele
andere kostbaarheden. Alles is in geld uit te drukken, maar deze parel, zeldzaam in alle opzichten, dat wordt
een eindeloos getal. Deze parel heeft de vorm van een jonge vrouw, met de uitstraling van de liefste moeder,
ze is zo delicaat gebouwd, wat is het fijn om naar haar te kijken. Ook al is hij maar een nummer voor haar, in
de blik van haar stralende ogen ontwaart hij vitaliteit, genegenheid en medeleven, hij proeft de ware zin van
het leven. Ook al toont de jongen weinig emotie, inwendig staat hij in vuur en vlam. Het doet hem pijn dat hij
dadelijk zijn weg weer gaat volgen en dat zijn ogen haar verschijning moeten ontwijken.